Frenkie de Jong: Toveren onder druk

Eredivisie, La Liga, Nederlanders

Goals en assists zijn niet de statistieken, waarin de brille van Frenkie de Jong zich het best laat vangen. Zijn bijdrage op het veld ligt in de opbouwende fase, vaak ver voordat het tot doelpunten komt. Keer op keer laat hij de tegenstander dicht bij komen. En keer op keer draait hij met zijn rug naar ze toe en schudt hij ze met een onnavolgbare lichtheid van zich af. 

De magie van Frenkie is in 2019 vastgelegd in een foto van de wedstrijd waarin Ajax Real Madrid uitschakelde in de Champions League. Madrilenen Vinicius Jr. en Luka Modric omgevallen. Ze kijken elkaar vertwijfeld aan terwijl De Jong luchtig langs hen heen dribbelt. Een moment daarvoor heeft hij Vinicius van zich afgeschud door schouder aan schouder soeverein op de been te blijven. Daarna is hij Modric gepasseerd met een croqetta; de schuifbeweging met de bal van been naar been Andrés Iniesta die vaak gebruikt, ook nu nog bij zijn club in Japan. 

Beelden van Frenkie de Jong in de wedstrijd Real-Madrid Ajax (1-4) op 5 maart 2019. De actie waarin De Jong Modric en Vinicius passeert begint na 58 seconden

Er lijkt in de wereld geen wedstrijdniveau te bestaan waarop Frenkie niet in staat is om zich onder de druk uit te toveren. En het is dan ook dit vermogen waarmee hij de bewondering wekt van zo’n beetje iedereen, ook van collega-wereldsterren. Van Kylian Mbappé bijvoorbeeld. Na een interland Nederland-Frankrijk stapte de Fransman naar de leiding van zijn club Paris Saint-Germain dat ze deze jongen toch echt moesten binnenhalen.

De statistieken van het afgelopen seizoen 2020-21 in La Liga helpen om het fenomeen Frenkie beter te doorgronden. De Jong is een uitzonderlijke speler. Vaak in positieve zin, maar niet altijd. 

Hij scoort niet vaak bijvoorbeeld. Doelgericht? ‘Echt totaal niet’, zei hij eens over zichzelf in een interview met Ziggo Sport. ‘Het gekke is, op trainingen scoor ik wel vaak, en ik kan best prima schieten. Maar als ik in de wedstrijd in die positie kom, schiet ik bijna nooit. En als ik schiet, gaat hij vaak niet op doel. Ik denk dat het met een mentaliteitsswitch te maken heeft.’

VOORZICHTIG

Drie doelpunten maakte hij voor Barcelona in La Liga inhet afgelopen seizoen en daarmee beweegt hij zich in de middenmoot van alle middenvelders in de Spaanse competitie Opmerkelijker nog dan die statistiek is dat geen enkele speler in de Spaanse competitie voorzichtiger is met schieten dan Frenkie. Anders gezegd: er is geen enkele speler voor wie de kans op een doelpunt in het seizoen 2020-21 groter was op het moment dat hij besloot te schieten (0,32), zie hierboven bij het aantal Verwachte doelpunten (Expected goals) per schot. Er zijn ook bijna geen spelers die dichterbij de goal staan dan Frenkie als ze eenmaal besluiten uit te halen: op een afstand van gemiddeld 11,40 meter. 

De oplossing ligt voor de hand: Vaker schieten, maar dat ligt toch iets ingewikkelder dan het lijkt. Want het feit dat Frenkie de Jong voorzichtig is met schieten, is misschien wel gebaseerd op zijn uitstekende zelfkennis. Als hij schiet, dan scoort Frenkie de Jong veel minder dan je zou mogen verwachten op basis van de kwaliteit van zijn scoringskans: het aantal goals dat hij maakt dan je op grond van zijn scoringspositie zou mogen verwachten.

OP SLEEPTOUW

Het is een kleine kanttekening bij het optreden van een spelbepaler die elke ploeg waar hij speelt op sleeptouw neemt. Balvaster dan Frenkie zijn er maar weinig bijna 92 procent van zijn passes kwamen aan, het afgelopen seizoen in Liga. Er zijn een paar spelers die op dit punt beter scoren, zoals Gerard Piqué, maar dat zijn centrale verdedigers terwijl De Jong meestal op het middenveld speelt. 

BAL AAN DE VOET

Geen speler in La Liga liep in het afgelopen seizoen meer met de bal aan de voet dan Frenkie de Jong. Dik 13 kilometer dartelde hij over het veld, drijvend, de tegenstander ontwijkend. Lopen met de bal aan de voet is niet per definitie voordelig voor je team, maar bij Frenkie is het toch één van zijn specialiteiten. Belangrijk: als hij loopt met de bal, dan loopt hij meestal vooruit. Ook op dit punt scoort De Jong uitzonderlijk hoog. Alleen Lionel Messi liep in La Liga in het afgelopen seizoen nog iets meer met de bal in de richting van het doel van de tegenstanders. En als De Jong loopt met de bal dan dribbelt hij veel spelers voorbij. Hij leidt daarbij maar weinig balverlies. ‘Ik vind het wel lekker om te dribbelen’, zei De Jong in een interview in de auto van oud-voetballer Andy van der Meijde. ‘Soms doe ik het te veel, hoor ik, maar ja. Voetbal moet ook leuk zijn.’ 

TACKLES

Tackelen en passes onderscheppen doet Frenkie de Jong ook bij Barcelona maar weinig. Sterker, er zijn nauwelijks middenvelders in de Spaanse competitie die dat minder doen dan hij. Toen hij nog bij Jong Ajax speelde, zei zijn trainer Peter Bosz dat hij aanvallend al veel bracht, maar bij balverlies wel een tandje bij mocht schakelen. Geen ramp misschien, want De Jong loopt veel gaten dicht zonder te tackelen, maar soms kan het uitblijven ervan tot gevaarlijke situaties leiden. Bij het eerste doelpunt van Oekraïne kon Andriy Yarmolenko vrij uithalen. De tackle van Stefan de Vrij kwam te laat. Frenkie stond er beter voor, maar greep niet in. 

ARKEL

Frenkie is vernoemd naar de Britse punkband Frankie Goes To Hollywood. Hij komt uit Arkel, een Zuid-Hollands dorpje met 3.500 inwoners. Hij is op 12 mei 1997 geboren in het Beatrixziekenhuis van Gorkum, een paar kilometer verderop. Frenkie is de zoon van Marjon Schuchhard-de Bruijn, thuiszorgmedewerker en korfballer uit Schelluinen, in de buurt van Arkel. Zij is weer is de dochter van Jan de Bruijn; Frenkies opa was eens een spelbepalende middenvelder van VV Schelluinen. In zijn niet zo heel verre familie zit nog een tweede voetbalinternational: Aad de Jong, een neef van zijn opa speelde voor ADO Den Haan en kwam in de jaren vijftig vijf keer uit voor Oranje. De Jongs vader werkt als parkeercontroleur en was ook een goede voetballer, bij de Arkelse Sport Vereniging (ASV). Hij speelde in het team van coach Jan de Bruijn en leerde zo Frenkies moeder kennen.

In De Volkskrant vertelde Frenkies moeder dat hij als jochie niet stil te krijgen was, tenzij je een bal of een ballon in zijn box legde. Met elf maanden liep hij.  Frenkie begint met voetballen bij zaterdag derdeklasser ASV, de club van zijn vader, zijn talent wordt al snel opgemerkt. Hij kan naar Feyenoord, de club waarvan ze fan zijn in Huize De Jong, maar kiest in 2004 op zevenjarige leeftijd voor de jeugdopleiding van Willem II. Hij vond de sfeer vriendelijk bij de Tilburgse club en zal er uiteindelijk tien jaar blijven spelen. In Tilburg maakt hij de havo af, volgens de wens van zijn ouders en hij ontmoet er op de middelbare school Mikky Kiemeney met wie hij nu samenwoont in Barcelona. Kiemeney komt uit Hilarenbeek, een dorpje tegen Tilburg aan. Ze heeft tot aan de A1 bij Den Bosch gehockeyt, maar is intussen gestopt. 

‘Dat hij zo klein was, zowel ten opzichte van zijn tegenstanders als zijn teamgenoten, heeft hem geholpen’

Voor het boek Frenkie sprak biograaf Luka Caioli zijn familie, vrienden en oud-trainers. ‘Het feit dat hij zo klein was, zowel ten opzichte van zijn tegenstanders als zijn teamgenoten, heeft hem geholpen’, zegt Jos Bogers een van zijn jeugdtrainers bij Willem II in het boek. ‘Daardoor moest hij zijn techniek en anticipatievermogen ontwikkelen. Fysiek kon hij het niet winnen, maar hij kreeg al snel door dat hij ze te slim af kon zijn met zijn bewegingen en zijn inzicht.’ Een andere Willem II-jeugdtrainer, Robby Hendriks, zegt in de biografie: ‘Terwijl op die leeftijd kinderen normaal met zijn allen op een kluitje spelen, zorgde Frenkie dat hij altijd ruimte genoeg om zich heen had.’ 

Trainer Jurgen Streppel van Willem II heeft de twijfelachtige eer dat hij Frenkie bij Willem II maar een paar keer heeft laten spelen, als invaller. De club speelt in die tijd tegen degradatie en daarom ziet de trainer het niet zitten met de avontuurlijke, dribbelende en risico zoekende blonde middenvelder. Liever dan op de bank te zitten bij het eerste, maakt Frenkie speelminuten bij Jong Ajax en hij dus wordt hij verkocht aan de Amsterdammers, voor 300 duizend euro. PSV en Feyenoord hadden hem ook willen hebben. Uiteindelijk zal Willem II als zijn opleidingsclub toch nog zo’n 8,5 miljoen euro overhouden aan de transfer van Frenkie naar Barcelona voor 85 miljoen. 

FAN VAN MESSI

Bij die club mocht hij het afgelopen seizoen samenspelen met een van zijn grote helden: Lionel Messi. ‘Messi heeft alles’, zei hij in de auto tegen Andy van der Meijde. ‘Hij kan zelfs koppen ook al is hij klein. Ik ben meer voor Barca dan voor Real, want ik ben voor Messi.’ Best spannend die overstap naar Barcelona’ erkende hij vorig jaar in een interview met voormalig freestyle voetballer Soufiane Touzani. ‘Er zitten jongens met veel status. Meer nog dan bij Ajax. Maar als je in het voetbal laat zien dat je goed bent word je sneller gerespecteerd.’ Nu Messi is vetrokken heeft De Jong laten weten dat hij de Argentijn weer via de televisie zal gaan volgen.


Met zijn vriendelijke lach en doe-maar-gewoon neemt Frenkie nog altijd iedereen voor hem in. ASV wilde een tribune naar hem vernoemen, maar daar wilden Frenkie en zijn familie niks van weten. Wel hangt er tegenwoordig dan toch een manshoge foto van hem op de club waar zijn broertje in het eerste speelt. In zijn Ajax-tijd ging De Jong nog graag drie keer in de week terug naar Arkel. Eten bij zijn opa en oma, chillen met vrienden. Voetballen op pleintjes. ‘Niet tegen Ajax vertellen, want dat mag niet’, zegt hij in de auto bij Van der Meijden. En daarna: ‘Ach je hoeft het er niet uit te knippen hoor.’ 

Op veel van de foto’s die Frenkie deelt op sociale media oogt de man die wekelijks met Messi speelt echt nog maar als een ventje. Een ventje dat altijd lacht. ‘Het meeste plezier heb ik als ik voetbal’ zei hij de in auto tegen Andy van der Meijde. ‘Het is leuk als je iemand vernedert met een trucje, daar kan ik ook altijd wel om lachen.’

Ondanks die lach is De Jong geen allemansvriend die mensen naar de mond praat. Hij neemt geen blad voor de mond. ‘Keizer heeft fijne oortjes, daar kan je lekker aan trekken’, zegt hij tegen Van der Meijde over Marcel Keizer zijn trainer in het eerste waar hij nog maar net is gaan spelen. En over een van zijn jeugdcoaches: ‘Aron Winter is een aardige man. ‘Alleen hij zette mij er niet heel veel in bij onder negentien, dus of hij er nu heel veel verstand van heeft weet ik niet.’

Geef een antwoord